Wie steeds naar dezelfde wereld kijkt, vindt vooral bewijs voor het bekende verhaal

Er verandert iets.

Niet alleen buiten de auto.

Je ogen krijgen andere informatie en je hoofd beweegt mee. Wat twintig minuten geleden nog groot voelde, kan ineens verschuiven. Je aandacht verplaatst zich van wat je al honderd keer hebt gedacht naar wat er nu voor je verschijnt.

Daarom vind ik observatie zo interessant voor loopbaancoaching.

Mensen die vastlopen in hun werk of zoektocht naar werk hebben vaak geen gebrek aan gedachten. Integendeel. Ze hebben dezelfde gedachten al honderden keren gedacht.

Wat kan ik? Wat wil ik? Waarom lukt het niet? Ben ik te oud? Heb ik de verkeerde keuzes gemaakt? Welke baan past bij mij?

En dan gaan wij als loopbaancoach daar nog een uur over praten.

Je kunt ook iets anders doen.

Ga lopen door een wijk waar je nooit komt. Neem samen een kunstroute. Bezoek een bedrijf waar je cliënt niets mee heeft. Stap een bibliotheek binnen en laat iemand drie boeken pakken zonder na te denken. Neem de trein naar een onbekend station. Loop een uur zonder bestemming.

Verander de omgeving en kijk wat er met de waarneming gebeurt.

Want wie steeds naar dezelfde wereld kijkt, vindt gemakkelijk steeds opnieuw het bewijs voor het verhaal dat hij al kent.

Beweging begint lang niet altijd met het vinden van een beter antwoord.

Verander het uitzicht. Er komt vanzelf iets in beeld wat vanaf de oude plek niet te zien was.



Ik word dan maar Bijzonder hoogleraar in ‘het niet passen’

De kans lijkt me overzichtelijk, maar de vraag stellen is hem beantwoorden. Waar zou ik college over geven?

Waarschijnlijk begin ik met een paar colleges afschaffen. Het cv kan eruit, sollicitatiebrieven ook. Het college ‘Jezelf verkopen’ gaat linea recta door de versnipperaar. En wie studenten vraagt waar ze over vijf jaar willen staan, moet eerst maar eens vijf jaar terug om uit te leggen waarom hij toen niet zag aankomen waar hij vandaag staat.

Daarna nodig ik een werkgever uit. Eentje met twaalf moeilijk vervulbare vacatures. Ik zet er twaalf mensen naast die graag willen werken en allemaal nét niet passen. Geen van hen voldoet volledig aan het functieprofiel, allemaal brengen ze iets mee wat op dat profiel niet wordt gevraagd.

En dan stel ik maar één vraag: wat kunnen we hier veranderen zodat het wél past?

Een taak eraf, een opleiding erbij, twee functies anders verdelen, ervaring anders waarderen of iemand zes maanden geven om iets te leren waar we nu drie jaar ervaring voor vragen. Ik vermoed dat ergens daar mijn leerstoel interessant begint te worden.

Loopbaanbegeleiders hebben namelijk een merkwaardig beroep. Ze zitten tegenover degene die geen toegang krijgt en onderzoeken vervolgens wat híj anders kan doen. Een training, een profiel, meer zelfvertrouwen, beter leren netwerken, een scherper verhaal. Allemaal waardevol, totdat je ontdekt dat ondertussen de deur precies hetzelfde is gebleven.

Ik zou daarom vermoedelijk halverwege het academisch jaar problemen krijgen met het college van bestuur. Ik zou steeds minder mensen naar mijn collegezaal halen en steeds vaker met mijn studenten bij organisaties aanbellen.

‘Goedemiddag, u zoekt al zeven maanden iemand?’

‘Ja.’

‘Mooi. Wij hebben iemand die niet past.’

Daar zou ik mijn onderzoek willen beginnen. Bij de ruimte tussen wat een organisatie denkt nodig te hebben en wat een mens daadwerkelijk zou kunnen bijdragen. Bij wat er gebeurt wanneer we niet alleen mensen leren bewegen richting werk, maar ook werk leren bewegen richting mensen.

Dat is uiteindelijk wat ik studenten over loopbaanbegeleiding zou willen meegeven: dat je soms het meeste voor iemands loopbaan betekent door even niet naar die persoon te kijken.

En als ze me daarna mijn eredoctoraat weer willen afpakken, mogen ze bellen. Ik neem op.

 

Bellen werkt alleen als je het ook kunt

Liever niet bellen. Zelfs interne recruiters hebben me destijds verteld dat we kandidaten dit beter niet konden aanleren. Toch zit er een groot voordeel achter die telefoon.

Bellen geeft je de kans om vragen te stellen die bepalen of je straks energie gaat steken in een brief en een cv, of niet. Je profileert jezelf al voordat iemand jouw sollicitatie heeft gelezen. Soms spreek je je nieuwe manager al aan de telefoon. En je scherpt je brief aan met informatie die je anders nooit had gekregen: weet je na dat gesprek dat klantgerichtheid écht de kern is van de functie, dan schrijf je niet meer “ik ben klantgericht”, maar het voorbeeld waaruit dat blijkt.

Dat klinkt mooi, maar er zit een voorwaarde aan. Bellen werkt alleen als je het ook kunt. Niet iedereen stelt van nature scherpe vragen aan een vreemde aan de andere kant van de lijn, en juist daar kan AI je verder helpen dan een blanco vel papier ooit zou doen. Dat kan op twee manieren: door zelf scherp te leren prompten, of door een agent te gebruiken die jou al kent en weet wat je kunt en waar je energie van krijgt. Zo pak ik dat zelf aan met kandidaten, en het werkt net zo goed op jouw eigen laptop:

  • Plak de vacaturetekst in een AI-chat en vraag welke twee of drie vragen jij zou moeten stellen om erachter te komen of deze baan écht voldoet aan jouw werkvoorwaarden en enrgiegevers.
  • Laat diezelfde AI een kort belscript schrijven, maar geef er een paar zinnen bij die jij zelf zou zeggen. Dan klinkt het zoveel mogelijk als jou.
  • Oefen het gesprek hardop, met de AI in de rol van recruiter, voordat je de echte telefoon pakt.

Eén vraag stel ik bijna iedereen die een mooie vacature heeft gevonden. “Weet jij honderd procent zeker dat dit een baan is waarin je werkgeluk gaat ervaren?” Het antwoord is bijna altijd nee. Ik weet het niet zeker, want… En precies in dat haperende “want” zit de vraag die aan de telefoon gesteld moet worden. De feiten die je nog mist, maken jouw vragen sterk. 

In de praktijk zie ik het zelfs af en toe gebeuren. Iemand belt, stelt de juiste vragen, en krijgt aan de telefoon al te horen: stuur je cv maar meteen door, je hebt indruk gemaakt en ik ga je sowieso uitnodigen. Dat is een prestatie om trots op te zijn. Het scheelt (soms weken) wachten op een reactie die er misschien zelfs nooit komt.

Een beetje lef aan de telefoon werkt dus, en AI kan dat lef voorbereiden. Wat het niet kan overnemen, is het moment zelf. Zodra de telefoon wordt opgenomen, is het weer voor honderd procent mensenwerk.

En toch blijft er iets aan me knagen, misschien wel harder dan alles hierboven. Waarom zitten recruiters meestal niet te wachten op een telefoontje? Hebben ze het gewoon te druk, of hebben ze te vaak vragen gekregen die nergens over gingen? Dat laatste snap ik. Een vraag stellen omdat het moet, is nog geen goede vraag. Maar misschien zit er nog iets anders achter: ook recruiters kennen niet altijd het antwoord op een scherpe vraag, simpelweg omdat ze zelf niet alles van de functie weten. En die onzekerheid snap ik minstens zo goed als die van de kandidaat aan de andere kant van de lijn.

Meer lezen?

“Ik weet niet waar ik heen wil” is niet altijd een probleem dat opgelost moet worden

Mijn navigatie reageerde onmiddellijk.

Herberekenen.

Ik reed verder. Mijn navigatie zocht koortsachtig naar een manier om mijn fout te herstellen. Een paar minuten later zat ik weer keurig op de route. Niks aan de hand. Toch bleef dat woord hangen. Herberekenen.

Zou het zijn omdat ik die dag juist naar een plek reed waar veel werd gesproken over iets waar wij in loopbaanland behoorlijk mee worstelen? Dat werk zich steeds minder gedraagt als een keurige route van A naar B.

We doen alleen vaak nog wel alsof.

We vragen mensen waar ze over vijf jaar willen staan

We maken profielen, testen competenties, onderzoeken drijfveren, formuleren doelen en tekenen vervolgens een route.

Waar sta je nu?
Waar wil je heen?
Wat ontbreekt er nog?
Welke stap brengt je dichterbij?

Bestemming invoeren. Route berekenen. Rijden. En zodra iemand afwijkt, begint het herberekenen. Nog een test. Een nieuw profiel. Een andere zoekrichting. Een opleiding wellicht. SMART-doelen erbij.

Terwijl ik dinsdag in Gent, opnieuw, weer eens besefte hoeveel interessante loopbanen ontstaan doordat iemand ooit een verkeerde afslag nam.

Een gesprek dat nergens voor bedoeld was. Een baan die niet in het vijfjarenplan stond. Een ontslag. Een ontmoeting. Een opleiding die halverwege iets anders bleek te openen. Iemand die na twintig jaar ineens denkt: ik kan dit nog prima, maar ik wil het niet meer.

Op LinkedIn ziet zo’n loopbaan er achteraf prachtig uit. We maken er een logisch verhaal van. Iedere stap bleek ineens voorbereiding op de volgende. En we weten allemaal: bullshit! We hebben alleen de route achteraf gladgestreken.

Stiekem doen we dat als loopbaancoaches soms ook wel heel graag. We zijn opgeleid om richting te helpen vinden. Dat is waardevol. Maar richting is iets anders dan bestemming. 

Want wat als iemand tegenover je zit en zegt: “Ik weet eigenlijk niet wat ik wil.” Hoe snel beginnen wij dan te herberekenen?

Misschien heeft diegene geen nieuwe bestemming nodig

Misschien moet hij een tijdje kunnen rijden zonder precies te weten waar hij uitkomt. Een afslag nemen omdat iets daar interessant lijkt. Koffiedrinken met iemand uit een totaal ander vak. Werk proberen dat op papier een stap opzij is. Minder verdienen voor meer leven. Of juist eindelijk toegeven dat geld wél belangrijk is.

Niet iedere omweg hoeft gerepareerd te worden. Sterker nog, ik vermoed dat een goede loopbaancoach soms precies het tegenovergestelde doet van Google Maps. Die zegt niet: je wijkt af van de route, maar vraagt: van wie was die route eigenlijk?

Van je ouders? Je werkgever? Je hypotheek? Van het beeld dat je ooit van succes had? Van de arbeidsmarkt? LinkedIn? Of werkelijk van jou? Ik kwam dinsdag gewoon bij School of Work aan. Een paar minuten later dan gepland. Mijn navigatie had zijn werk gedaan. 

Voor mensen hoop ik dat wij iets minder efficiënt durven zijn, want “ik weet niet waar ik heen wil” is niet altijd een probleem dat opgelost moet worden.

Het zou zomaar de afslag kunnen zijn die iemand in jaren zelf heeft genomen.

 

Ben je een betere loopbaancoach wanneer jouw cliënt je minder nodig heeft?

Dus wanneer heb je je werk eigenlijk goed gedaan?

Ik dacht lang: wanneer iemand mij uiteindelijk niet meer nodig heeft. Tot ik merkte dat daar iets niet klopt. Een goede literair agent probeert zichzelf helemaal niet overbodig te maken. Sommige schrijvers werken tientallen jaren met dezelfde agent. Een goede voetbalmakelaar kan een speler een groot deel van zijn carrière vertegenwoordigen. Niet omdat die schrijver zonder zijn agent geen zin meer op papier krijgt of de voetballer zonder zijn zaakwaarnemer niet meer weet waar het doel staat.

Ze blijven verbonden zonder afhankelijk te worden. Dat verschil vind ik interessant voor ons vak.

Een goede loopbaancoach hoeft dus helemaal niet te streven naar een cliënt die nooit meer belt. Sterker nog, ik zou het prachtig vinden wanneer iemand mij jaren later opnieuw belt omdat er iets verandert, schuurt of lonkt.

Alleen hoop ik dat diegene mij dan voor iets anders nodig heeft. Niet meer om te vertellen hoe je een vacature leest, hoe je je waarde onderzoekt, hoe je een netwerk activeert of hoe je een werkgever benadert. Dat vermogen zou inmiddels van de ander moeten zijn.

Zou dat niet onze opdracht moeten zijn: ervoor zorgen dat iemand ons opnieuw mág nodig hebben, zonder ons nodig te móéten hebben?

Ik gebruik graag het beeld van een luchtballon. Wanneer die niet opstijgt, kun je samen onderzoeken wat hem aan de grond houdt. Er kan ballast uit, er moet meer vuur bij, een touw moet los of de omstandigheden vragen om geduld. Daar kun je als coach behoorlijk belangrijk in zijn. Alleen hoef jij niet voortdurend in het mandje te zitten.

Het kompas is niet kapot, maar de cliënt wil een nieuwe oceaan oversteken.

Dat is voor mij steeds meer de maatstaf voor goed loopbaanwerk. Niet hoeveel iemand dankzij jou kan, maar hoeveel iemand na verloop van tijd zélf kan. Niet of iemand je nooit meer belt, maar waarvoor diegene je de volgende keer belt.Misschien belt een voormalige cliënt over vijf jaar opnieuw. Zijn kompas is niet kapot, maar hij wil een nieuwe oceaan oversteken.

Dan help ik graag weer even met die “ballon”.

Meer lezen?

 

 

Waarom ik mijn AI agents als coach bewust beperk

Technisch gezien kan het wel. Een algemene chatbot kan werkelijk alles. Cv’s schrijven, motivatiebrieven opstellen, sollicitatiegesprekken naspelen, allemaal in dezelfde chat. Maar precies daar zit het probleem dat ik in mijn eigen getrainde agents wil voorkomen.

Kennis verdwijnt bij een algemene chatbot

Zodra een agent buiten zijn training om gaat werken, verdwijnt de kennis waar het eigenlijk om draait. Mijn cv-agent is getraind op jaren ervaring met wat werkgevers echt willen lezen, welke opbouw werkt en welke valkuilen ik telkens terugzie bij kandidaten. Die kennis zit niet in een algemene chatbot, en die zit ook niet automatisch in een agent die voor iets anders is gebouwd. Als ik de succesverhalen-agent zomaar cv’s laat schrijven, levert hij een resultaat op dat oppervlakkig prima oogt, maar mist wat mijn aanpak juist onderscheidend maakt.

Daarom stuurt de agent de kandidaat dan bewust door. Met een korte, duidelijke uitleg: voor je cv heb je de cv-agent nodig, die is daar specifiek voor gebouwd en getraind. De kandidaat krijgt daardoor telkens de agent die het beste is toegerust voor die specifieke vraag, in plaats van een algemeen antwoord van een agent die eigenlijk iets anders moest doen.

De verleiding om een alleskunner in te zetten is groot

Dit is de reden dat ik agents bewust op één rol train. Een agent die helpt bij zelfinzicht doet iets anders dan een agent die cv’s aanscherpt of een agent die kandidaten voorbereidt op een gesprek. De verleiding om een agent breed en alles-kunnend te maken is groot, zeker omdat de techniek dat toelaat. Maar een agent die te veel tegelijk doet, verliest zijn scherpte.

Het doet me denken aan een schroevendraaier met tien verschillende koppen. Handig als je onderweg bent en niet precies weet wat je tegenkomt. Maar wie serieus een kast in elkaar zet, pakt het gereedschap dat exact voor die klus is gemaakt. De universele versie werkt misschien wel, maar het specifieke gereedschap doet het net iets beter. Bij agents geldt hetzelfde principe. Hoe scherper de taak, hoe beter het resultaat.

Wat mij betreft is dat de vraag die iedereen zich zou moeten stellen die met agents werkt of ze laat bouwen. Niet wat kan deze agent allemaal, maar waar is hij precies voor gebouwd, en blijft hij daarbinnen?

Vijf tips om zonder agent toch resultaat te behalen

Toch weet ik dat niet iedereen meteen met een getrainde agent werkt. Veel loopbaanprofessionals en kandidaten gaan zelf aan de slag met ChatGPT, Claude of een andere chatbot. Vooral als het om cv’s gaat. Dat kan prima werken, mits je weet hoe je de prompt opbouwt.

#1 Upload eerst de volledige vacaturetekst en laat de chatbot die grondig analyseren. Welke eisen staan er letterlijk, welke soft skills worden gevraagd en welke competenties komen steeds terug? Pas op basis van die analyse kun je het cv daarna gericht aanscherpen.

#2 Laat de chatbot de werkervaring herschrijven met actieve, resultaatgerichte werkwoorden. Passieve zinnen komen afstandelijk over, actieve taal laat direct
zien wat iemand zelf heeft gerealiseerd.

#3 Vraag om aansluiting bij de taal van de vacature. Werkgevers en wervingssystemen herkennen specifieke termen, en een cv dat toevallig andere woorden gebruikt voor hetzelfde valt sneller af.

#4 Vraag naar resultaten, niet naar taken. Een goede prompt stuurt aan op concrete uitkomsten en cijfers, in plaats van een opsomming van wat iemand allemaal deed.

#5 Vraag om tegenspraak en niet alleen om output. Een goede prompt vraagt de chatbot ook te benoemen wat zwak is of ontbreekt, in plaats van alleen een gepolijst eindresultaat te leveren.

Succes met jouw klus. En met het kiezen van het juiste gereedschap ervoor.

Meer lezen?

 

Niemand betaalt een loopbaancoach voor alleen fijne gesprekken

Ik chargeer uiteraard. Een beetje, in ieder geval. Want er werken ongelooflijk veel bevlogen en vakbekwame loopbaanprofessionals. Mensen die levens veranderen, perspectief bieden en deuren openen waarvan cliënten niet eens wisten dat ze bestonden. Toch knaagt er iets. Ik vraag me namelijk af of we als beroepsgroep soms te veel verliefd zijn geworden op het gesprek en te weinig op wat er daarna gebeurt.

Ik spreek werkzoekenden die inmiddels drie talentenscans hebben gedaan, vier versies van hun cv bezitten en een LinkedIn-profiel hebben dat glimt als een net gegoede Volvo. Ze kennen hun kernkwaliteiten, valkuilen, drijfveren, waarden, kleuren en vermoedelijk inmiddels ook hun innerlijke dolfijn.

De arbeidsmarkt trekt zich weinig aan van hoeveel inzicht iemand tijdens sessies heeft opgedaan

Toch hebben ze geen werk. Dat wringt, want ergens zijn we zelfinzicht gaan verwarren met vooruitgang. Alsof een glashelder beeld van jezelf automatisch leidt tot een plek op de arbeidsmarkt. Terwijl die arbeidsmarkt zich weinig aantrekt van hoeveel inzicht iemand tijdens sessie vier heeft opgedaan. Een werkgever wil uiteindelijk begrijpen waarom hij met déze persoon in gesprek zou moeten.

Daar zit voor mij een fascinerende spanning in ons vak. We zijn goed geworden in naar binnen kijken, terwijl werk zich buiten afspeelt. We praten over talent, terwijl werkgevers proberen op te lossen. We helpen mensen hun verhaal te vinden, terwijl niemand controleert of er aan de andere kant überhaupt iemand naar dat verhaal luistert.

Ik betrap mezelf daar overigens net zo goed op. Hoe verleidelijk is het om nog een model te introduceren, nog een oefening te doen of nog een prachtige reflectievraag te stellen. Reflectie voelt productief en levert vaak een fijn gesprek op. Alleen betaalt niemand een loopbaancoach voor fijne gesprekken alleen. Tenminste, dat hoop ik toch. 

Een beroepsgroep die anderen voortdurend uitnodigt uit hun comfortzone te komen, kan moeilijk zelf met koffie en een DISC-profiel in die comfortzone blijven zitten.

Daarom wil ik deze column gebruiken om af en toe tegen de haren van ons eigen vak in te strijken. Ook tegen die van mezelf. Want een beroepsgroep die anderen voortdurend uitnodigt uit hun comfortzone te komen, kan moeilijk zelf met koffie en een DISC-profiel in die comfortzone blijven zitten.

Dus verwacht hier geen tweewekelijkse verzameling tips om mensen nóg beter te laten reflecteren op hun loopbaan. Ik wil het hebben over wat we doen, wat we nalaten, waar we onszelf voor de gek houden en vooral wat er buiten onze spreekkamers gebeurt. En ik hoop dat jij ondertussen hetzelfde doet: je eigen aanpak tegen het licht houden, je favoriete methodieken wantrouwen, je toegevoegde waarde onderzoeken en jezelf zo nu en dan de tamelijk vervelende vraag stellen of jouw cliënt dankzij jou daadwerkelijk verder komt, of vooral heel goed is geworden in praten over verder komen.

Want onder aan de lijn kan iemand zichzelf na zes gesprekken volledig hebben gevonden.

Nu nog werk.

Over Eugène

Eugène, Onofficieel Dichter des Arbeidsmarkts, schrijft over de arbeidsmarkt zoals hij ernaar kijkt: betrokken, kritisch, soms poëtisch en geregeld met een korrel satire. Hij schuurt graag langs vanzelfsprekendheden, ook die van loopbaanprofessionals zelf. Want wie anderen dagelijks uitnodigt tot reflectie, ontwikkeling en verandering, mag af en toe
dezelfde vragen aan zichzelf stellen. In zijn columns voor LoopbaanPro onderzoekt hij daarom niet alleen wat er misgaat op de arbeidsmarkt, maar vooral wat ons eigen aandeel daarin is.

Stressbestendigheid is één van de belangrijkste vaardigheden

En dat moment komt altijd. Daarom is stressbestendigheid misschien wel één van de belangrijkste vaardigheden van deze tijd. Vanuit de wetenschap weten we dat stress op zichzelf niet schadelijk is. Het is juist een hele nuttige reactie van je lichaam om goed om te gaan met alles wat stressvol is in je leven. 

Judith Lemmers is werkzaam bij Lesstress. Ze gelooft dat verzuim en uitval vaak te voorkomen zijn door stress en draagkracht vroegtijdig meetbaar en inzichtelijk te maken. In haar maandelijkse columns deelt ze hoe je stress bewust kunt benutten, waar te veel spanning schadelijk wordt, en welke signalen laten zien dat het tijd is om in te grijpen.

We overleven door stress

Vanuit de wetenschap weten we dat stress op zichzelf helemaal niet schadelijk is. Stress is een ingenieus overlevingsmechanisme. Zodra je hersenen denken dat er actie nodig is, schakelt je lichaam over naar de ‘aan-stand’. Je hartslag stijgt, je ademhaling versnelt, je spieren spannen zich aan en je maakt stresshormonen zoals adrenaline en cortisol aan. Daardoor kun je sneller denken, beter presteren en adequaat reageren.

Eigenlijk is stress dus een superkracht. Het probleem ontstaat pas wanneer je lichaam niet meer terugschakelt naar de ‘uit-stand’.

Het verschil tussen goede en slechte stress zit in herstel

Wanneer je lichaam na de stress weer voldoende kan terugschakelen naar ontspanning, blijf je in balans. Als dat herstel uitblijft, stapelt stress zich op en ontstaan er steeds meer klachten. Daarom kun je er maar beter goed mee om leren gaan. De sleutel? Niet stress vermijden, maar juist stressbestendigheid vergroten. 

Dit kun je gelukkig trainen:

  1. Inzicht in je fysiologie 

Met behulp van hartslagvariabiliteit (HRV) wordt zichtbaar hoe jouw autonome zenuwstelsel reageert op belasting en herstel. Dit geeft een objectief beeld van je stressbestendigheid. Door regelmatig je HRV te meten ontdek je welke keuzes jouw herstel ondersteunen en welke juist energie kosten.Denk bijvoorbeeld aan:

  • het effect van een goede nachtrust;
  • een intensieve training;
  • alcohol;
  • een wandeling in de natuur;
  • een drukke werkdag.

Zo leer je steeds beter luisteren naar je lichaam, niet op gevoel alleen, maar op basis van objectieve data.

2. Herstel trainen

Veel mensen denken dat je vooral sterker wordt door harder te werken of meer te sporten.

In werkelijkheid word je sterker tijdens het herstel. Juist in de herstelperiode dalen je stresshormonen, komt je zenuwstelsel weer tot rust en krijgt je lichaam de kans om zich aan te passen. Daardoor ben je de volgende keer beter bestand tegen dezelfde belasting.

Je kunt dat herstel actief trainen door:

  • dagelijks een aantal keer 5 tot 10 minuten rustig naar je buik te ademen;
  • voldoende en regelmatig te slapen;
  • gedurende de dag kleine herstelmomenten in te bouwen;
  • dagelijks rustig te bewegen, bijvoorbeeld wandelen of fietsen;
  • bewust tijd te maken voor activiteiten waar je energie van krijgt.

Hoe sneller jouw lichaam weer kan schakelen van ‘aan’ naar ‘uit’, hoe groter je veerkracht wordt.

3. Belastbaarheid opbouwen

Door gedoseerde prikkels (mentaal en fysiek) leert je lichaam omgaan met stress, zonder overbelasting. Vergelijk het met de sportschool, zonder spierpijn ontwikkel je ook geen spiermassa. Je moet natuurlijk ook niet te zwaar gaan trainen, want dan krijg je blessures. 

Door jezelf regelmatig op een gezonde manier uit te dagen, leert je lichaam dat stress niet gevaarlijk is en dat het daarna weer veilig kan ontspannen.

Dat kun je bijvoorbeeld doen door:

  • regelmatig je hartslag flink te verhogen tijdens hardlopen, zwemmen of intervaltraining;
  • twee tot drie keer per week krachttraining te doen;
  • af en toe iets buiten je comfortzone te doen, zoals een presentatie geven, een sportieve uitdaging aangaan of zelfs een koude douche nemen;
  • inspanning altijd af te wisselen met voldoende herstel.

Niet de zwaarste training maakt je sterker, maar de juiste afwisseling tussen belasting en herstel. Wetenschappelijk gezien draait stressbestendigheid dus om flexibiliteit van je systeem: de mate waarin je mee kunt bewegen met wat er gebeurt en weer kunt herstellen. 

Ik ben benieuwd: ben jij bewust bezig met het ontwikkelen van je stressbestendigheid? En hoe doe je dat?

Meer lezen?



De echte oorzaak van vermoeidheid ligt ergens anders dan we vaak denken

Wat ik vooral zag was iemand die al lange tijd geen echte rust meer had genomen. 

We denken vaak dat stress de oorzaak is van vermoeidheid, je prikkelbaar voelen en het gevoel dat je hoofd niet meer uitgaat. Maar de echte reden is vaak het gebrek aan herstel, aan (korte) rustmomenten om weer even op te laden.

Schijnherstel dat niet werkt

Veel mensen denken dat ze ontspannen door ´s avonds op de bank te Netflixen of eindeloos door hun telefoon te scrollen. Je bent dan wel afgeleid en het kan lijken alsof je ontspant, maar je zenuwstelsel blijft aanstaan, je lijf en geest blijven dit zien als inspanning. Het voelt wel ontspannen, maar het is geen echt herstel, het is schijnrust.

Ik vroeg haar tijdens de sessie om een aantal minuten rustig te ademen, 3 tellen in, 5 tellen uit en vooral naar haar buik te ademen. Om haar aandacht echt naar haar lichaam brengen. Tijdens de oefening zag ik het gebeuren, haar schouders ontspanden, haar uitdrukking werd zachter en haar ademhaling werd rustig.

Na afloop keek ze me aan en zei verbaasd “Oh dit gevoel heb ik lang niet meer gehad, ik wist niet meer dat ik dit me zo kon voelen”.

Deze simpele ademhalingsoefening was een eyeopener

Voor mij is dit pure wetenschap. Deze ademhalingsoefening activeert je parasympaticus, dat is als het “rust- en herstel-systeem” van je lichaam. Het vertraagt je hartslag, verlaagt je bloeddruk en stimuleert ontspanning en een gevoel van kalmte.

Een burn-out ontstaat niet door te veel stress

Wanneer je weer leert voelen wat echte ontspanning is dan geef je je lichaam en geest de kans op weer meer draagkracht op te bouwen, je kunt dan weer meer aan. Je laadt je accu als het ware op.

We onderschatten vaak hoe belangrijk echte ontspanning is, of we maken het te groot, waardoor we het niet of onvoldoende doen. Een aantal keer per dag bewust je ademhaling vertragen en langer uitademen zorgt voor korte ontspanmomenten die je heel veel energie geven.

Meer lezen?

Judith Lemmers is werkzaam bij Lesstress. Ze gelooft dat verzuim en uitval vaak te voorkomen zijn door stress en draagkracht vroegtijdig meetbaar en inzichtelijk te maken. In haar maandelijkse columns deelt ze hoe je stress bewust kunt benutten, waar te veel spanning schadelijk wordt, en welke signalen laten zien dat het tijd is om in te grijpen.

 

 

Mijn team van AI medewerkers staat ook om tien uur ’s avonds klaar

Ik begeleidde mensen toen puur via gesprekken. Een uur op maandag, weer een uur drie weken later. Die aanpak werkte, maar het kon beter. Tussen twee sessies in lagen soms twee weken stilte en daarin kwamen de meeste kandidaten niet naar me toe. De drempel was voor sommigen te hoog. „Het is vast niet belangrijk genoeg om de coach lastig te vallen,” hoorde ik ze later zeggen. Terwijl het dat wél was. Op een zondagavond om tien uur, of op dinsdagmiddag na de klok van 17.00 uur, stond iemand er alleen voor. Precies op het moment dat hij in beweging wilde komen.

Benito Bekx is loopbaancoach en ondernemer. Via BaazZ en MeesterlijkMatchen begeleid hij mensen die vastlopen in hun werk of boventallig zijn verklaard, veelal bij grote Nederlandse organisaties met een werk-naar-werk vraagstuk. Deze column is de opening van een reeks over wat er in de praktijk écht werkt als je als loopbaanprofessional met AI agents aan de slag gaat.

Dat heb ik opgelost door mijn online loopbaancoaching om te bouwen met AI agents: door mij getraind, werkend vanuit mijn aanpak, beschikbaar op elk moment dat iemand wil bewegen, maar de drempel voelt om een mens te bellen.

Een agent is zo goed als de vragen die hij stelt

Want er zijn dingen waar je rekening mee moet houden. Een agent is zo goed als de vragen die hij stelt. De verleiding bestaat om agents snel en breed in te zetten, maar een agent die te veel tegelijk doet, verliest zijn scherpte. Train je agent op één rol. Een agent die helpt bij zelfinzicht doet iets anders dan een agent die cv’s aanscherpt of een agent die kandidaten voorbereid op gesprekken.

Iets anders waar je scherp op moet zijn: de kandidaat moet eigenaar blijven van de uitkomst. Agents inspireren, laten opties zien en stellen vragen. Maar de kandidaat beslist. Zorg er in je begeleiding voor dat je expliciet terugkomt op wat de agent heeft opgeleverd. Wat herkent iemand erin? Wat klopt niet? Wat wil hij ermee? Dat gesprek is waardevoller dan de output zelf.

Voorbereiding verandert een gesprek

En dan het mooiste. Als een kandidaat tussen de sessies door al heeft gewerkt aan zijn zelfinzicht, zijn cv heeft aangescherpt of een eerste motivatiebrief heeft geschreven, verandert het gesprek.

De vragen die er echt toe doen, komen pas boven als het praktische werk al gedaan is.

We hoeven het niet meer uitgebreid te hebben over hoe je een cv opbouwt of wat je in een sollicitatiebrief zet. En dat is maar goed ook, want de vragen die er echt toe doen, komen pas boven als het praktische werk al gedaan is. Wat wil ik eigenlijk? Wat houdt me tegen? Welke stap durf ik niet te zetten? In de praktijk krijg ik daar elke keer bevestiging van: kandidaten zijn beter voorbereid, sessies gaan dieper en resultaten volgen sneller.

We werken met gevoelige informatie

Eén ding laat ik nooit onbesproken: dataveiligheid. Als coaches werken we met gevoelige informatie, persoonlijke situaties, twijfels, soms financiële of medische context. Die informatie heeft een weg door een systeem en het is onze verantwoordelijkheid om te weten welke weg dat is. „Die gegevens komen echt niet op straat te liggen” is geen beleid. Het is een aanname. Bewustwording begint bij de professional zelf.

Ik ben benieuwd wat jullie bezighoudt. Waar zit voor jou de meerwaarde van technologie in begeleiding? Welke ervaringen heb jij met agents? En op welke vraagstukken zou jij meer verdieping willen?

Meer lezen?

Blijven of gaan? De moedigste loopbaankeuze is de bewuste

Sommigen willen juist weten of ze ook mogen blijven. Als loopbaancoach vind ik dat een hele interessante vraag.

Myriam de Roo is senior loopbaancoach & trainer en oprichter van De Gelukkige Professional.

Het zwarte gat

Veranderen is eng. Voor bijna iedereen, ongeacht leeftijd of werkervaring. Wie nadenkt over een loopbaanstap, kijkt bijna altijd in een zwart gat: geen helder beeld van wat er aan de andere kant ligt. Wel een scherp beeld van wat er mis kan gaan. Dat dan weer wel.

Onder die angst zit iets wat velen van ons zullen herkennen: het onbekende vraagt iets van je wat het vertrouwde niet vraagt. Je geeft zekerheid op voor iets wat nog niet bestaat. Heb je ook geen helder beeld van de volgende stap? Dan wordt dat zwarte gat alleen maar groter.

Bij jongere professionals speelt ook nog mee dat zij zichzelf hoge verwachtingen opleggen – of die van anderen voelen – en dat elke keuze aanvoelt als definitief. Bij oudere professionals klinken de twijfels anders. Maar de angst eronder is dezelfde.

Niet twee, maar allerlei bewegingen

In loopbaancoaching zie je uiteenlopende reacties op die angst. Sommigen zeggen te willen bewegen, maar vinden telkens een nieuwe reden waarom het toch niet kan. Er zijn er ook die zeggen tevreden te zijn, maar waarbij de tevredenheid bij doorvragen meer lijkt op berusting dan op een echte keuze. En uiteraard gaan sommige mensen zonder angst en met veel energie en nieuwsgierigheid op onderzoek. Ze willen gewoon weten wat er mogelijk is.

Als er angst in het spel is, moet ik als coach scherp blijven. Want “ik heb het toch goed” kan twee dingen betekenen: het klopt echt of het is een manier om de verandering te omzeilen. Ik ben altijd alert op excuustruzen: oneigenlijke redenen om vooral wel of juist niet te bewegen.

Wat het nog meer van mij vraagt? In de eerste plaats dat ik goed afstem op de dieperliggende drijfveren en overtuigingen van mijn coachee, inclusief belemmerende patronen en systemische dynamieken. Zodat ik de juiste vragen kan stellen om hem of haar te helpen naar eigen inzichten en antwoorden te komen.

Mijn mening doet er niet toe

Daarnaast dat ik zelf in het niet-weten kan blijven; mijn mening doet er vaak niet toe en soms weet ik het antwoord op de vraag “moet ik blijven of gaan?” ook echt niet.

Belangrijk is dat ik reflecteer op mijn eigen handelen, bijvoorbeeld dat ik oprecht oké ben met iedere uitkomst. En tot slot zal ik telkens inchecken bij de ander: komt mijn coachee steeds dichter bij het antwoord op zijn of haar eigen hulpvraag? Dat vraagt veiligheid, zodat de coachee een eerlijk antwoord durft te geven.

Een voorbeeld uit mijn praktijk. Een leerkracht had tijdens een loopbaantraject besloten haar eigen praktijk te starten als kindermassagetherapeut. Met energie, met plannen, klaar voor actie. Tot ze in ons volgende gesprek terugkwam met een andere boodschap: ze zag er toch van af en wilde weer voor de klas. Terwijl haar dat juist ziek had gemaakt. Na doorvragen bleek dat haar partner het idee niets vond. Die onzekerheid had haar besluit ondermijnd.

Ze ging terug voor de klas. De coaching werd afgerond. Een paar maanden later zegde ze alsnog haar dienstverband op en startte ze haar eigen praktijk. De nood was hoog genoeg geworden, dus risico’s en twijfels deden er minder toe. Dan beweeg je gewoon.

Zekerheid bestaat niet (en dat hoeft ook niet)

Aaltje Vincent zegt het treffend: solliciteren is hopen op een beter leven. Medewerkers die een overstap willen maken, willen die hoop zo concreet mogelijk maken. Begrijpelijk. Maar volledig dicht timmeren lukt niet, want er blijft altijd een onzekere marge.

Het helpt vooral te weten waarom je een keuze maakt. Wat zijn je echte drijfveren? Welke patronen houd je in stand uit gewoonte, uit angst, of uit loyaliteit aan anderen? Pas als je dat helder hebt, kun je een keuze maken die echt van jou is.

De meest onderschatte uitkomst

In loopbaancoaching gaat het niet altijd over doorpakken of doorbreken. Met volle overtuiging blijven is ook een hele waardevolle uitkomst. Dat is niet per se de makkelijke weg of angst voor verandering. Het kan gewoon de beste keuze zijn voor nu. Daar is loopbaancoaching voor bedoeld: ruimte maken voor een bewuste keuze, in plaats van een keuze die je overkomt.

Meer lezen?

 

 

Zo meet je hoe jouw lichaam en geest omgaan met wat je van jezelf vraagt

Met behulp van een hartslagsensor kun je jouw hartslagvariabiliteit (HRV). Dat klinkt technisch, maar de variatie in tijden tussen twee opeenvolgende hartslagen laat zien of je lichamelijk en geestelijk nog kunt dragen wat er van je wordt verwacht. Dat noemen we je draagkracht.

Draaglast: heb je genoeg tijd om te herstellen?

De meeste mensen vragen veel van zichzelf: een volle agenda met afspraken, deadlines, vergaderingen, zorg voor kinderen of mantelzorg, het huishouden, alles plannen, regelen, organiseren, sporten en leuke dingen doen met vrienden. We leggen de lat hierin vaak erg hoog. Dit alles bij elkaar noemen we je draaglast. 

HRV laat zien hoe goed jouw lichaam en geest kunnen omgaan met wat je van jezelf vraagt. Een hoge variatie in tijden tussen hartslagen betekent dat je lichaam goed kan schakelen tussen inspanning en ontspanning. Een lage variatie vertelt iets anders, namelijk dat je stresssysteem voortdurend “aan” staat en te weinig ruimte heeft om te herstellen.

Je lichaam liegt niet

Tijdens deze metingen, die we vaak bij medewerkers van bedrijven doen, zie ik dit vaak terug. Mensen die zeggen dat het nog oké gaat, maar waarvan de meting laat zien dat de rek er bijna uit is. Hun lichaam draait al lange tijd op reserve. En het bijzondere is: je lichaam liegt niet. Waar je hoofd misschien zegt “nog even volhouden”, laat HRV zien of je dit wel een goede keuze is. 

Dat is natuurlijk belangrijke informatie. Want als je weet dat je te weinig reserves hebt, dan kun je op tijd bijsturen. Niet pas als je ziek wordt of uitvalt, maar juist daarvoor. HRV-metingen helpen je ook om te begrijpen waarom je sneller moe bent, prikkelbaarder reageert of moeite hebt met concentreren. HRV maakt zichtbaar wat je soms zelf wegstopt.

“Dus het ligt niet aan mij”

Ik zie vaak herkenning bij mensen wanneer ik de resultaten van hun meting bespreek. “Dus het ligt niet aan mij.” Nee, je lichaam laat zien dat het ruimte nodig heeft om te herstellen. Het heeft te lang aan gestaan. 

Het mooie is: HRV is geen vast gegeven. Je kunt het zelf beïnvloeden. Met betere slaap, voldoende bewegen, gezond eten, voldoende hersteltijd en een positieve mindset kan je HRV weer stijgen. 

Ik vind het vooral zo’n krachtig meetinstrument omdat het je helpt te luisteren naar je lichaam. Dat communiceert continu. Eerst misschien licht, denk aan een slechtere nachtrust, minder focus en snellere irritaties, maar het zijn allemaal signalen. HRV maakt zichtbaar wat je soms geneigd bent te negeren en dat inzicht gun ik iedereen. 

Wil je meer weten over HRV? Dan kun je altijd mailen naar judith@lesstress.biz. 

Meer lezen?

Judith Lemmers is werkzaam bij Lesstress. Ze gelooft dat verzuim en uitval vaak te voorkomen zijn door stress en draagkracht vroegtijdig meetbaar en inzichtelijk te maken. In haar maandelijkse columns deelt ze hoe je stress bewust kunt benutten, waar te veel spanning schadelijk wordt, en welke signalen laten zien dat het tijd is om in te grijpen.