
Die uitkomsten lijken lastig te rijmen met ander recent onderzoek. Uit onderzoek van Randstad blijkt namelijk dat werknemers uit Generatie Z in de eerste vijf jaar van hun loopbaan gemiddeld slechts 1,1 jaar bij dezelfde werkgever blijven. Bij millennials ligt dat op 1,8 jaar, bij Generatie X op 2,8 jaar en bij babyboomers op 2,9 jaar. Randstad verklaart die ontwikkeling onder meer vanuit een grotere behoefte aan zingeving, persoonlijke ontwikkeling en werk dat aansluit bij eigen waarden.
Waarschijnlijk spelen die factoren inderdaad een belangrijke rol. Maar ook de omgeving waarin jonge professionals opgroeien is behoorlijk veranderd. Vrijwel ieder digitaal systeem is ingericht op snelheid.

Werk is één van de laatste domeinen waar tijd nog een voorwaarde is
Psychologen gebruiken al decennialang de term instant gratification: de voorkeur voor een directe beloning boven een grotere beloning op langere termijn. Het probleem is dat een loopbaan zich nauwelijks laat versnellen, want vertrouwen binnen een organisatie ontstaat geleidelijk. Reputatie bouw je op door jarenlang goed werk af te leveren.
De manier waarop werk online zichtbaar is geworden draagt daarnaast volop bij aan de lust naar een directe beloning. Promoties, carrièreswitches en nieuwe uitdagingen krijgen veel aandacht. Dat is logisch; mensen delen nu eenmaal liever een nieuwe functie dan een jaar waarin zij vooral routinewerk deden of een vak leerden.
Het gevolg is wel dat loopbanen achteraf vaak overzichtelijker lijken dan ze in werkelijkheid zijn. Cliënten vergelijken hun dagelijkse werkelijkheid met de hoogtepunten van andermans loopbaan. De minder zichtbare fases, waarin ervaring wordt opgebouwd, fouten worden gemaakt of werk simpelweg nog niet helemaal past, verdwijnen uit beeld.
“Een perfect plaatje hebben is heel goed, maar de zoektocht naar perfectie kan ook leiden tot teleurstelling”, aldus loopbaancoach en arbeidspsycholoog Milja Falentijn in een interview aan Intermediair.
Career capital opbouwen
Betekenisvol werk start lang niet altijd aan het begin van een loopbaan. Eerst bouwen professionals zogenoemd career capital op: kennis, ervaring, reputatie en vaardigheden. Pas daarna ontstaat ruimte voor meer autonomie, invloed of inhoudelijk interessanter werk.
De functie is niet per se slecht, maar we plukken de vruchten pas later.
Dat idee staat haaks op de gedachte dat iedere nieuwe functie direct volledig moet aansluiten bij alle persoonlijke wensen. Misschien verklaart dat ook waarom sommige professionals een baan al na enkele maanden als teleurstellend ervaren. De functie is niet per se slecht, maar we plukken de vruchten pas later.
Geen pleidooi om vooral te blijven zitten
Dit alles betekent overigens niet dat vaker van baan wisselen per definitie onverstandig is. De huidige arbeidsmarkt biedt kansen die eerdere generaties nauwelijks hadden. Een ongezonde werkcultuur, beperkte ontwikkelmogelijkheden of slecht leiderschap zijn legitieme redenen om verder te kijken. En langdurig blijven investeren in werk dat je meer energie kost dan oplevert draagt ook bij aan stress of zelfs een burn-out. Maar hoe onderscheid je tijdelijke groeipijn van een mismatch? Neemt de groeipijn af als iemand competenter wordt?
Onderzoek vooral samen eens de volgende vragen:
- Wat leer je hier nog wat je over twee jaar nog steeds waardevol vindt?
- Welke onderdelen van je werk kosten energie, en welke geven energie?
- Zijn de grootste frustraties onderdeel van het leerproces, of zouden ze ook over een jaar nog hetzelfde zijn?







