Wie de recente rapporten van het WEF rond future skills bekijkt, ziet dezelfde kenmerken terugkomen: nieuwsgierigheid, leervermogen, complex denken, flexibiliteit. Opvallend genoeg zijn dat net de kwaliteiten die bij een bepaalde groep professionals van nature aanwezig zijn. Ze worden vandaag nog vaak niet gezien of verkeerd gelezen.
De profielen die we onderschatten
Multi-passionate professionals worden nog te vaak weggezet als mensen zonder focus. Hun cv oogt versnipperd en ze krijgen al snel het label ‘jobhopper’. In gesprekken lijken ze alle richtingen uit te gaan, met een veelheid aan interesses en ervaringen die moeilijk te bundelen zijn tot één helder verhaal. Daardoor blijft buiten beeld hoe effectief ze denken en werken.
Jammer, want verbanden leggen tussen domeinen kunnen ze als geen ander.
Ze schakelen vlot tussen rollen en contexten. Hun nieuwsgierigheid is geen afleiding, maar een motor. Ze bouwen kennis op over verschillende gebieden en combineren die op een manier die nieuwe invalshoeken mogelijk maakt.
Ze groeien niet lineair, maar in lagen. Waar klassieke profielen diepte opbouwen binnen één domein, bouwen zij breedte die net die diepte verrijkt. Eén richting of functietitel voelt voor deze professionals als een beperking.
Ze functioneren net in die overlappende zones waar disciplines elkaar raken. Wanneer je die wegneemt, haal je niet de ruis weg, maar net de essentie. Wat overblijft lijkt misschien duidelijker, maar doet het zelden recht aan hun manier van werken en nog minder aan hun potentieel.
Hoe herken je multi-passionate professionals?
Profielen begrijepn is één ding, maar herkennen is een tweede. Want multi-passionate professionals:
- passen zich snel aan aan wat verwacht wordt (hoog kameleon-gehalte)
- proberen zichzelf te vertalen naar bestaande kaders en context
- minimaliseren hun breedte om “duidelijk” over te komen

Daardoor krijg je als begeleider vaak een afgevlakte versie van een veelzijdig profiel te zien. Tijdens de bijeenkomsten met MPP’s hoor ik dat vaak. Ze benoemen dat ze hun best doen om in het plaatje te passen.
- “Ik zeg niet dat ik een bijberoep heb naast mijn loondienst. Want wat zou mijn werkgever daar wel niet van denken. Dat wijkt sterk af van mijn hoofdjob.”
- “Ik probeer heel sterk in te zetten in marketing op één ding, want ik moet ergens expert in zijn en met mijn andere lagen ernaast doe ik afbreuk.”
Het gevolg is dan dat begeleiding vertrekt vanuit een verkeerd beeld. En dat leidt tot adviezen die logisch lijken, maar in de praktijk niet gedragen worden.
Er zijn een aantal signalen die je helpen om ze sneller te spotten:
- soms een loopbaan met verschillende richtingen, zonder duidelijke lijn op het eerste zicht
- zeer nieuwsgierig en leergierig
- moeite met kiezen, niet uit onvermogen maar omdat meerdere opties voor hen kloppen
- inspirerende denkers en vertellers
- energieverlies in rollen die te afgebakend zijn
- veel ideeën en interesses, maar niet altijd een duidelijke ‘logische’ structuur daarin
- het gevoel dat er “meer in zit”, zonder dat dat scherp benoemd wordt
Met deze vragen maak je vervolgens het verschil
De klassieke vraag “wat wil je doen?” werkt hier zelden. Ze stuurt richting een antwoord dat te snel te krap aanvoelt voor een MPP. Vragen vanuit hoe iemand functioneert werken beter:
- In welke situaties kom je het meest tot je recht?
- Waar krijg je energie van, los van de functietitel of job?
- Waar verlies je energie, zelfs als je er goed in bent?
- Welke rode draad zie je zelf nog niet benoemd?
- In welke contexten kan je verschillende sterktes combineren?
In deze fase heb je het nog niet over de wat, over welke functies allemaal bestaan, welke bedrijven geschikt zijn of welke belemmerende overtuigingen spelen. Je laat ze echt eerst hun eigen ideale mix aan interesses, talenten en rollen oplijsten. Schrijven én het geheel zien staan in een lijstje of in een woordenwolk helpt.
Dit moest ik zelf leren
In mijn eigen loopbaan heb ik lang geprobeerd om mezelf te vertalen naar één duidelijke rol. Dat leek de snelste weg naar erkenning en kansen. Dat was het ook voor een paar jaar, tot ik in een burn-out belandde. Het voelde geforceerd en opportuniteiten sloten niet aan op hoe ik effectief functioneerde.
De echte verschuiving voor mij kwam pas toen twee dingen samenkwamen: zelfkennis en communicatie. Toen mijn interne wereld gezien werd én taal kreeg in de buitenwereld. Ik kreeg scherper zicht op hoe ik functioneer, waar ik energie van krijg en hoe mijn verschillende interesses elkaar versterken. Tegelijk begon ik dat ook expliciet te benoemen, in plaats van het te verbergen achter iets wat “logischer” klonk.

Vanaf dat moment veranderde ook de manier waarop anderen mij zagen en benaderden. Vandaag combineer ik een parttime loondienst en een bijberoep. In die twee werelden zitten mijn waarden en non-negotiables verwerkt. De én-én constructie werkt voor mij en voor iedereen rond mij.






